Soevereiniteitsdebat is een ‘postzegeldiscussie’
Bakker volgt het debat al langer met een groeiend ongemak. “Sentiment en emotie spelen steeds vaker een rol, waarbij stellingen worden versimpeld of uit context gehaald en vervolgens als feiten worden gepresenteerd”, zegt hij. Dat stoorde hem dermate dat hij er een uitgebreid paper over schreef: ‘Digitale soevereiniteit en de mythe van de uit-knop‘. Wat hem tijdens dat onderzoek vooral opviel, is dat de discussie is gepolariseerd tot een binaire keuze. “Het woord digitale soevereiniteit is een soort zwart-witverhaal geworden: kies je voor open source, dan kies je voor soevereiniteit. Kies je voor een Amerikaanse hyperscaler, dan ben je dat automatisch niet”, legt hij uit. Dat is volgens hem een veel te simplistische weergave van de werkelijkheid.
Postzegeldiscussie
In zijn paper hekelt Bakker wat hij de ‘postzegeldiscussie’ noemt. Het vizier is vrijwel uitsluitend gericht op de grote Amerikaanse hyperscalers — Microsoft, AWS en Google — terwijl we ondertussen op tal van andere vlakken net zo diep verweven zijn met Amerikaanse technologie, en dat voor het gemak even vergeten. “Als je met je telefoon naar buiten loopt voor een locatiebepaling, worden jouw coördinaten bepaald door zo’n tweeëndertig satellieten — de helft Amerikaans, een deel Russisch en Chinees, en een paar Europese”, zegt Bakker. “GPS is zo gewoon geworden dat we er niet meer bij stilstaan. Maar ondertussen wordt het gewoon gevoed door satellieten die ooit vanuit de defensie-industrie zijn gebouwd. En dan heb ik het nog niet eens over alle Amerikaanse streamingdiensten en andere producten waar we dagelijks gebruik van maken. Als je nadenkt over hoe verweven dat allemaal is, dan is die discussie over de hyperscalers eigenlijk een postzegeldiscussie: we pakken één klein dingetje eruit en vergeten de rest.”
[....]